• banner1

A Dieu

Dit zei God, de Heer, de Heilige van Israël, in rust en inkeer ligt jullie redding, in geduld en vertrouwen ligt jullie kracht (Jesaja 30:15).

Vandaag neem ik afscheid van jullie als predikant hier in Vilvoorde…

“A Dieu”, God zij met je, je laat elkaar los in de handen van God.

In Job 10 (lees hier) is Job de betekenis, de zin van het leven verloren en leeft hij met een gapend gat in zichzelf, zijn ziel, met in de leegte van zijn blik die ene vraag: waar ben je, God?

Wanneer je beseft dat jou echt alles kan overkomen, dat er geen beschermmuur is die God bouwt rond gelovigen, rond mensen, wanneer je ervaart hoe kwetsbaar het leven echt is, wat dan?

Zijn vrienden komen met goedkope antwoorden, misschien uit angst ook werkelijk naar Job te moeten luisteren. Maar ook zij horen God niet. Ze spreken vanuit een theorie, een zekerheid die klopt, die vaststaat wat er ook gebeurt. En dat is het verschil met Job.

Hij spreekt een levende God aan, persoonlijk, van wie je kan zeggen “à Dieu”.

Job blijft geloven dat God hem ooit zal antwoorden, hij richt zijn vraag “à Dieu”, hij laat God niet los…

Job blijft Hem ongeduldig en persoonlijk aanspreken, in vertrouwen, in geloof, niet uit zekerheid.

Zijn vrienden zoeken antwoorden op dé vraag, vanuit een god als een theorie die past binnen onze manier van denken, een zekerheid, maar zo’n beeld van God verdrinkt in de golven waarmee het leven ons overspoelt, vervaagt in de leegte van de chaos die het soms is. Niet zo met een levende God waarop je vertrouwt al is het in ongeduld en met dé vraag op je lippen, al is het in de stilte van Zijn zwijgen. Want je gelooft en vertrouwt dat Hij het is die zwijgt en niet het donkerste duister.

Daarom roept Job met zijn vraag “à Dieu”, in vertrouwen.

Van zo’n vraag, dé vraag, kun je slapeloze nachten krijgen, ook als predikant. Tenzij..

Ik jullie iets mag bekennen, nu ik afscheid neem, namelijk dat het enige wat ik in gedachte had in deze gemeente te doen is niet enkel à Dieu zeggen, vertrouwen, geloof uitspreken, maar is iets wat daar verband mee houdt, met het vertrouwen. Wat ik jullie stiekem wilde leren is: slapen.

Want het is met het koninkrijk van God als met een mens die zaad uitstrooit op de aarde: hij slaapt en staat weer op, dag in dag uit, terwijl het zaad ontkiemt en opschiet, ook al weet hij niet hoe (Marcus 4: 26-27).

Hij slaapt. Dat getuigt van vertrouwen. Je kan pas slapen als je vertrouwt dat je de volgende ochtend weer kan opstaan, dat er licht zal zijn, dat de dag je na de duisternis toeschijnt.

Veel gebeurt er niet automatisch en vanzelf in een gemeente, dat kan ik jullie ook verklappen, maar dit wel. Slapen is daarom onze meest kenmerkende bezigheid als gelovigen.

Je moet niet de hele tijd, dag in en nacht uit, naar dat plantje zitten kijken en allerlei plannen zitten maken, want dan krijg je wallen en zie je helemaal niets meer groeien.

Het is niet aan ons, het was en is niet aan mij, het is “à Dieu”.

Gemeente, à Dieu en slaapwel!good night my friend - Snoopy

Dat we elkaar mogen loslaten in het vertrouwen dat God het is die ons vasthoudt.

Ds. E. Delen

De Ring, juli-augustus 2018.